Kaderbrief 2020-2024

Sociaal domein

1. Inleiding

Leiden is en blijft een sociale stad voor iedereen, van jong tot oud en met inwoners uit alle windstreken. Dat houden we vast, ook in tijden van corona. Iedereen telt mee en doet mee. Om die visie te realiseren continueren we de doorontwikkeling van het sociaal domein, zoals met de Visie Sociaal Domein, de Sterke Sociale Basis en de Visie op jeugdhulp. Ook is er veel beweging op rijksniveau en in de maatschappij waar we in het sociaal domein rekening mee moeten houden. Gezamenlijk schetsen zij de context van het sociaal domein voor de komende jaren. De kwetsbare en urgente financiële situatie in het gehele sociaal domein speelt daarbij een belangrijke rol. In deze inleiding komen al deze onderwerpen aan de orde.

  • Sociaal domein in beweging
    - Kansen door Corona
    - Overige ontwikkelingen
  • Perspectief voor het sociaal domein
    - Op koers: ontwikkeling en uitvoering gaan door
    - Opgaves richting 2024
  • Financieel perspectief
    - Algemeen
    - Binnen het hek: keuzes en bijsturing

Binnen en buiten het hek sociaal domein
Als er gesproken wordt over het sociaal domein dan gaat het over deze beleidsterreinen: jeugd, onderwijs,
onderwijshuisvesting (allen Programma 7 Jeugd & Onderwijs), sport (Programma 8 Cultuur, Sport & Recreatie), Wmo, preventie, kwetsbare groepen (allen Programma 9 Maatschappelijke Ondersteuning), arbeidsparticipatie, inkomensvoorzieningen, schuldhulpverlening (allen Programma 10 Werk & Inkomen). Niet al deze beleidsterreinen vallen echter binnen het zgn. hek. Bijvoorbeeld onderwijs en sport vallen buiten het hek.
Het hek is geplaatst om de Visie Sociaal Domein uit te voeren. Positieve effecten van beleid, zoals collectiveren, komen dan ook terecht bij het sociaal domein. Een voorbeeld hiervan is de Sterke Sociale Basis.
Door een sterke sociale basisinfrastructuur te realiseren verwachten we dat minder mensen een beroep doen op individuele Wmo-voorzieningen en/of het sociaal wijkteam. We verwachten ook dat deelname aan activiteiten binnen de Sterke Sociale Basis een dempend effect heeft op gebruik van jeugdhulp, wmo en participatievoorzieningen. Naast deze inhoudelijke keuze leidt het hek er ook toe dat er een financieel gesloten systeem ontstaat.
Het hek rond het sociaal domein is gedefinieerd in het besluit van de Programmabegroting 20191. Voorbeelden van activiteiten/beleidsterreinen die niet binnen het hek vallen zijn speelplekken, onderwijsbeleid, onderwijshuisvesting, sport, ondersteuning van clientbetrokkenheid en inkomensondersteunende maatregelen.

2. Sociaal domein in beweging

2.1 Corona
We verwachten effecten van Corona op de korte en op de langere termijn, zoals ook al beschreven in het voorwoord. Voor het sociaal domein gaat het dan veelal om de effecten als gevolg van de economische recessie en in mindere mate als directe gevolgen van de ‘lockdown’. Op de langere termijn zijn er zowel negatieve als positieve effecten, waardoor kansen ontstaan om vernieuwing in het sociaal domein te versnellen en te stimuleren. We willen daarbij voornamelijk inzetten op de kansen die Corona ons biedt. We zullen echter de minder positieve gevolgen, ofwel uitdagingen, zeker niet negeren.

2.1.1 Kansen
Er is er meer bewustwording over gezondheidsrisico’s in de samenleving, en meer aandacht voor gezondheid in het algemeen. Zo wordt er meer gewandeld en gesport in de openbare ruimte. Dit biedt een kans in het verder bevorderen van de fysieke gezondheid en het daarvoor inrichten van de fysieke leefomgeving.
Er is een groep inwoners die tot voor kort wel actief was, maar nu thuis zit. We willen deze groep snel nieuw perspectief bieden en voorkomen dat ze niet als het ware ‘wegzakken’ in een grotere afstand tot de arbeidsmarkt. We kijken daarbij naar mogelijkheden voor omscholing en leerbanen. Dit past bij onze visie dat iedereen mee blijft doen.
We zien tevens een afvlakking van de vraag naar jeugdhulp. Het is mogelijk dat dit een gevolg is van de relatieve rust in gezinnen in tijden van Corona. We moeten afwachten of dit ook echt zo blijkt te zijn, of dat dit een tijdelijke afvlakking is.
In het onderwijs zien we positieve resultaten van digitaal onderwijs: de drempel voor thuiszitters om deel te nemen aan het onderwijs is lager. Dit geldt met name voor het voortgezet onderwijs en beroepsonderwijs.
Tot slot wordt er ook gesproken over de positieve effecten die Corona heeft op de sociale cohesie in wijken en buurten. Er is veel creativiteit en tal van initiatieven ontstaan in de Leidse wijken. We kunnen van deze initiatieven leren en ze stimuleren om ook na corona actief te blijven. We noemen hierbij ook nog de flexibiliteit en creativiteit waarmee ook stadspartners zoeken naar mogelijkheden om hun activiteiten zoveel mogelijk voort te zetten.

2.1.2 Uitdagingen
Corona leidt naar alle waarschijnlijkheid tot een economische crisis. Dit heeft grote maatschappelijk-economische gevolgen voor onze inwoners.
We verwachten op de kortere termijn een toename naar de vraag om inkomensondersteuning en schuldhulpverlening. Ook zijn/waren sportaccommodaties gesloten met gevolgen voor exploitaties en kunnen wedstrijden en trainingen van sportverenigingen (deels) niet door gaan. Diverse andere groepsactiviteiten (zoals in het jongerenwerk of dagbesteding voor ouderen) werden afgelast. Tot slot is er veel extra inzet nodig bij de Regionale Dienst Openbare Gezondheid voor de bestrijding van Corona, testen en bron- en contactonderzoek. Door meer gebruik van de openbare ruimte neemt de druk daarop toe.
De gevolgen op de langere termijn zijn nog onzeker.2 De verwachting is dat door de economische crisis waardoor de kwetsbare groepen (bijv. ouderen, dak- en thuislozen, multiproblem gezinnen), kwetsbaarder worden, omdat ze bijvoorbeeld hun baan verliezen en mogelijk ook schulden opbouwen. Ook wordt de groep kwetsbaren groter omdat ook flexwerkers, mensen met nul-uren contracten en zzp’ers geen werk meer hebben. Minder bestaanszekerheid en meer kwetsbaarheid zal mogelijk leiden tot andere problematiek, op diverse terreinen, zoals gezondheid, zorg, ondersteuning, onderwijs, opvoeding etc. Voorbeelden zijn dat eenzaamheid toeneemt, achterstanden op school ontstaan, geestelijke gezondheid in gevaar komt door een toename van eenzaamheid en psychiatrische problemen sneller ontstaan.
Daarnaast maken we ons zorgen over de groep jongeren die in deze tijd geen stage heeft kunnen lopen en hiermee de aansluiting op de arbeidsmarkt missen. De studieschuld wordt hiermee ook hoger. Het belang van vroegsignalering en preventie is hierbij groot. Het monitoren van de ontwikkeling van de vraag naar inkomensondersteunende voorzieningen is hierin een eerste stap.

2.2 Overige ontwikkelingen
Demografische, maatschappelijke, economische en landelijke ontwikkelingen leiden ertoe dat het sociaal domein in Leiden continu verandert. Deze voortdurende beweging in en rond het sociaal domein maken het lastig een meerjarig vaststaand (financieel) perspectief te maken, goed te plannen en te begroten. Het is van belang om steeds opnieuw de opgaves te bepalen en te bekijken hoe we er financieel voorstaan en daarbij eventueel noodzakelijke keuzes te maken.
De Leidse bevolking wordt steeds internationaler: 31% heeft inmiddels een internationale achtergrond, waarvan een deel statushouder of vluchteling is, maar er zijn ook arbeidsmigranten, internationale gezinnen, kenniswerkers etc. Ook in Leiden, zoals ook in andere gemeenten, vergrijst de bevolking en neemt de ongelijkheid in Nederland toe. De trend naar verdere digitalisering van de maatschappij zet door. Voor een uitgebreider overzicht zie de Visie Sociaal Domein (RV 19.0029).
Het rijk maakt nieuw beleid, zoals de uitbreiding van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening met een verplichting tot vroegsignalering voor gemeenten en de verdere decentralisatie van maatschappelijke opvang. Daarnaast zijn er diverse actuele onderwerpen waar rijk, gemeenten (via G40 en VNG), professionele organisaties met elkaar over in gesprek zijn. Een van de belangrijkste daarvan is de organisatie van de jeugdhulp, met een (tot corona) stijgende vraag en beperkte middelen. Leiden neemt via de VNG en G40 deel aan deze gesprekken.

3. Perspectief voor het sociaal domein


3.1 Op koers: ontwikkeling en uitvoering gaan door

De uitvoering van het Beleidsakkoord ‘Samen maken we de stad’ loopt de komende jaren door, waarbij we de kansen van Corona willen gebruiken om de kwaliteit van activiteiten, hulp en ondersteuning te verbeteren. Het gaat hier om de algemene doorontwikkeling van het Sociaal Domein waar we in het begin van deze collegeperiode mee gestart zijn.

Deze doorontwikkeling realiseren we via de uitvoering van het beleid, maar ook door steeds meer samenhang in het sociaal domein aan te brengen. Dit is bijvoorbeeld zichtbaar in het opnieuw formuleren van de opdrachten voor Sociale Wijkteams en Jeugd- en Gezinsteams die op elkaar aan gaan sluiten en het steeds meer in de wijken aan elkaar verbinden van activiteiten zoals in wijksportparken. Ook besteden we de komende periode aandacht aan de heroriëntatie van de Wmo, waarin we efficiënter gaan werken met ‘segmenten’ en een inkoopstrategie per segment zullen maken. We maken hiervoor segmenten voor volwassenen, mensen met complexe problematiek (waaronder 16-27 jarigen) en ouderen. Tot slot bereiden we implementatie van komende wetswijzigingen voor, zoals de doordecentralisatie maatschappelijke opvang, de implementatie van de taak vroegsignalering schulden (in de Wet Gemeentelijke Schuldhulpverlening) en van de Wet Veranderopgave Inburgering. Naast bovenstaande activiteiten werken we ook verder aan de volgende onderwerpen:

  • Heroriëntatie Wmo met nieuw inkoopmodel
  • Nieuwe opdrachtformulering Sociale Wijkteams
  • Doorontwikkeling Sterke Sociale Basis
  • Doordecentralisatie Maatschappelijke zorg
  • Doorontwikkeling Jeugdhulp in de Leidse Jeugdhulp incl JGT's
  • Stedelijke jeugdaanpak en PIT projecten
  • Uitvoering Nota sport & gezondheid, waaronder gezonde leefstijl, wijksportparken, sportakkoord met sportverenigingen en realisatie sportaccommodaties. Buurtsportcoaches lopen vanaf 1 juli via de Sterke Sociale Basis
  • Herijking Integraal Huisvestingsplan (onderwijshuisvesting)
  • Arbeidsparticipatie, aansluiting onderwijs -arbeidsmarkt en toeleiden naar tekortsectoren

3.2 Opgaves richting 2024

Voor het sociaal domein zien we een aantal inhoudelijke opgaves die we de komende jaren centraal stellen. Hierin zijn ook de opgaves als gevolg van corona verwerkt.

1. Kansen door Corona benutten
We willen de positieve veranderingen als gevolg van Corona vasthouden. Het gaat dan om een toename in sociale cohesie (meer contact tussen buren en in wijken), goede samenwerking in de stad (met bijv. sportverenigingen, onderwijs, kinderopvang). Maar het gaat ook om het actief houden van mensen die nu thuis komen te zitten, bijvoorbeeld door omscholing richting tekortsectoren.

2. Vroegsignalering en preventie
Er moet voldoende aandacht zijn voor vroegsignalering en preventie van inkomensgerelateerde problematiek. We ondersteunen mensen die voor hun inkomen en/of participatie afhankelijk zijn (of door Corona meer afhankelijk zijn geworden) van de gemeente. Het gaat dan niet alleen om inkomensondersteuning, maar nadrukkelijk ook over ondersteuning op andere leefgebieden. Participatie is daarin een breed begrip.

3. Koers doorontwikkeling vasthouden
Continuering uitvoering en doorontwikkeling op alle beleidsterreinen: we blijven, ondanks corona, koersvast. Op die manier blijven we onze visie ‘Iedereen telt mee en doet mee’ uitvoeren. We nemen daarin de veranderende samenstelling van de bevolking mee (internationalisering, vergrijzing etc.).

4. Sociaal en fysiek leefbare wijken
Integrale opgaves: soms ligt de sleutel voor het sociaal domein in andere opgaves en niet alles is voor ons beïnvloedbaar. 1) fysiek leefbare wijken, met voldoende maatschappelijke voorzieningen, voldoende ruimte voor sporten, spelen en bewegen, voldoende passende woningen, ook voor specifieke doelgroepen zoals ouderen en mensen die uitstromen uit beschermd wonen 2) sociaal leefbare wijken, met aandacht voor veiligheid (oa ook radicalisering), voldoende mogelijkheden om deel te nemen aan de maatschappij (in de vorm van bijv. activiteiten).

5. Financieel in control blijven
De financiële opgaves in het sociaal domein zijn groot. Zowel de continue veranderingen in inkomsten als de toenemende vraag in de Wmo en jeugdhulp en stijgende kosten maken het financieel in control zijn en blijven een zeer urgente opgave voor het sociaal domein binnen én buiten het hek. Alleen op die manier kunnen we onze inwoners in het sociaal domein (blijven) bieden wat nodig is. We gaan hier in paragraaf 4 ‘Financieel perspectief’ uitgebreid op in en doen ook voorstel voor bijsturing waarmee we een deel van het tekort dat ontstaat structureel dekken.

4. Financieel perspectief

4.1 Urgentie

De financiële situatie van het sociaal domein, zowel het deel binnen het hek als het deel buiten het hek, is niet rooskleurig en zeer urgent. In deze paragraaf staan we hier uitgebreider bij stil, geven we meer inzicht en doen we een voorstel voor bijsturing. Voordat we ingaan op de financiële situatie binnen het hek en een voorstel voor bijsturing doen bespreken we in het kort drie andere onderwerpen, namelijk:

  • Sociaal domein buiten het hek sociaal domein
  • Complexiteit van de financiering
  • Stand van zaken uitvoering RV 19.0114 Bijsturing Sociaal Domein 2019, zoals toegezegd aan de raad bij vaststelling van dit voorstel

Paragraaf 5 van dit hoofdstuk is volledig gewijd aan de financiële situatie binnen het hek. Daarbinnen bevinden zich de grootste negatieve financiële ontwikkelingen.

4.1.1 Sociaal domein buiten het hek
Niet alleen binnen het hek, maar ook buiten het hek zien we forse tegenvallers en autonome ontwikkelingen die leiden tot de noodzaak extra middelen vrij te maken om diverse voorzieningen op een voldoende niveau te houden. Belangrijke ontwikkelingen hierin vinden plaats bij met name onderwijshuisvesting. Deze onderwerpen inclusief hun financiële consequenties zijn terug te vinden in de diverse programma’s van het sociaal domein in deze Kaderbrief: Programma 7 Jeugd & Onderwijs, Programma 8, beleidsterrein 8C Sport, Programma 9 Maatschappelijke Ontwikkeling en Programma 10 Werk & Inkomen. Financiële ontwikkelingen die voorzien zijn van ‘(SD)’ in de vetgedrukte titel vallen binnen het hek sociaal domein.

4.1.2 Complexe financiering: continue bijstelling
Financiering van het sociaal domein is complex. Dit komt door continue wijzigingen aan zowel de inkomsten- als de uitgavenkant.
De middelen die wij van het rijk ontvangen voor onze taken kunnen sterk variëren per jaar. Die middelen krijgen we grotendeels via het gemeentefonds, maar soms ook met specifieke uitkeringen en decentralisatie-uitkeringen. Bijvoorbeeld aanpassingen in die verdeelsleutels en andere financieringsvormen leiden tot veranderende budgetten. Ook hebben we te maken met wetswijzigingen, waardoor taken worden toegevoegd of uitgebreid, al dan niet met extra middelen. Er lopen daarnaast diverse onderzoeken naar de financiering van het sociaal domein, zoals naar het abonnementstarief en naar jeugdhulp. Tevens wordt het gemeentefonds onderzocht, wat zal leiden tot een herverdeling van middelen vanuit het gemeentefonds. De gevolgen hiervan voor Leiden zijn nog onzeker. Ook de circulaires van het rijk zorgen voor aanpassingen van de budgetten, bijvoorbeeld in de vorm van compensaties voor gestegen kosten.
Aan de uitgavenkant hebben we te maken met een steeds wisselende vraag naar hulp en ondersteuning. Vaak is er daarbij sprake van een zorgplicht en een open einde regeling. Het niet beschikbaar stellen van middelen voor toenemende vraag kan leiden tot toenemende wachtlijsten en komt de zorgplicht van de gemeente in het gedrang. We passen steeds de financiële ramingen in het meerjarenbeeld aan op basis van de meest recente gebruikscijfers in combinatie met prognoses voor bijv. bevolkingsontwikkeling, verwachte neveneffecten (bijv. de aanzuigende werking van het abonnementstarief).

4.1.3 Uitvoering Bijsturing Sociaal Domein 2019
Eind 2019 zijn met het raadsbesluit ‘Bijsturing Sociaal Domein’ (RV 19.0114) maatregelen genomen om het toen ontstane tekort op te lossen. De budgettaire aanpassingen zijn met een begrotingswijziging bij dit besluit verwerkt.
Daarnaast is betreffende regelgeving grotendeels aangepast, zoals de aanpassing van het tarief voor de regiotaxi en de referteperiode voor de inkomenstoeslag. De besparing voor Maatschappelijke Opvang van 1 miljoen is al in 2020 gerealiseerd. De aanpassing van de begeleidingstermijn voor begeleid wonen (onderdeel van de contingentregeling) heeft geen besparing opgeleverd omdat in praktijk de begeleidingstermijn waar mogelijk al beperkt was. De maatregelen waarvoor een aanpassing in werkwijze nodig is of andere afspraken met partijen in de stad gemaakt moeten worden, zijn in uitvoering.
Het niet realiseren van de aanpassing begeleidingstermijn en het al in 2020 realiseren van de bijdrage van de regio aan maatschappelijke opvang zijn opgenomen als resp. tegen- en meevaller in Programma 9 Maatschappelijke Ondersteuning.

5. Financieel perspectief binnen het hek

Het tekort binnen het hek sociaal domein loopt op naar ruim 7 miljoen in 2024. Met name de vraag naar hulp en ondersteuning in de Wet maatschappelijke ondersteuning blijft toenemen. Voor de jeugdhulp geldt dat de complexiteit van de problematiek en de intensiteit van de ingezet hulp toenemen. In deze paragraaf geven we een integraal beeld van de financiële ontwikkelingen en geven we aan hoe we de tekorten de komende jaren willen beperken. De diverse financiële ontwikkelingen staan in de betreffende begrotingsprogramma’s (7 Jeugd & Onderwijs, 9 Maatschappelijke Ondersteuning en 10 Werk & Inkomen) toegelicht. In het overzicht met financiële ontwikkelingen zijn verwijzingen daarnaar opgenomen.

Er is in deze paragraaf geen rekening gehouden met mogelijke financiële effecten van Corona (zie ook de paragraaf Financiele keuzes en positie). In paragraaf 2 zijn de mogelijke effecten al inhoudelijk beschreven. De financiële effecten op (middel)lange termijn zijn echter nog niet goed kwantificeerbaar, en daarom niet meegenomen in dit overzicht. Na het overzicht wordt ingegaan op de keuzes die voorgesteld worden om het tekort te beperken.

5.1 Overzicht

In onderstaande tabel staan de grootste mee- en tegenvallers en autonome ontwikkelingen binnen het hek rond het sociaal domein. Zoals in paragraaf 4.1.2 beschreven wordt de financiering van het sociaal domein zowel aan de inkomsten- als aan de uitgavenkant beïnvloed door diverse factoren en verandert deze voortdurend. Dit overzicht is dus een momentopname, te gebruiken om inzicht en overzicht te krijgen. Dit overzicht zal er over een aantal maanden alweer anders uitzien. In de overzichtstabel staan verwijzingen naar de toelichtingen in de betreffende programma's van de kaderbrief.

Tabel: overzicht financiele ontwikkeling sociaal domein inclusief

Bedragen x 1.000,-

2020

2021

2022

2023

2024

Algemeen

     

Plan- en frictiekosten sociaal domein (09.07)

0

750

375

0

0

      

Programma 7 Jeugd & Onderwijs

     

Aframen stelpost Jeugd

0

0

1.946

1.946

1.946

Te verwachten extra rijksmiddelen

0

0

-1.946

-1.946

-1.946

1e Herziening regionale begroting HR 2020,investering gemeentelijke toegang, fasering/vertraging bijsturing en uitstel aanbesteding zorgaanbod (07.06)

730

1.433

1.467

1.099

625

2e herziening regionale begroting HR 2020 en concept regionale begroting jeugdhulp HR 2021-2024 en effect meicirculaire 2020 IU Voogdij 18+ (07.05)

1.102

2.335

2.347

2.359

2.363

Verbeterplan gecertificeerde instellingen jeugdhulp (07.01)

54

121

0

0

0

Regionaal transformatiefonds Jeugdzorg (07.01)

-54

-121

0

0

0

Doorontwikkeling jeugdhulp Leidse regio (07.07)

0

225

0

0

0

      

Programma 9 Maatschappelijke Ondersteuning

     

Bijdrage Holland Rijnland gemeenten aan maatschappelijke zorg (09.06)

-1.000

0

0

0

0

RDOG: Veilig thuis en overig GGD (09.08)

710

656

594

589

589

Niet realiseren besparing contigentregeling Wmo (09.03)

0

50

50

50

50

Innovatiebudget Wmo Leidse regio (09.05)

-400

0

0

0

0

Uitvoeringscapaciteit Wmo (09.09)

100

300

225

225

225

Maatwerkvoorzieningen Wmo (09.10)

1.081

1.592

1.958

1.983

3.080

Prognose WMO-compensatie Rijk abonnementstarief 2019 (09.10)

-400

0

0

0

0

Prognose WMO-compensatie Rijk abonnementstarief 2020-2024 (09.10)

-650

-900

-1.150

-1.400

-1.650

Tekort sociaal domein vanaf 2024 (uit bijsturingsvoorstel RV19.0114) (09.12)

0

0

0

0

1.130

Tekort sociaal domein vanaf 2024 (mei-circulaire 2018) (09.13)

0

0

0

0

637

Huisvesting bijzondere doelgroepen (09.04)

-274

    

Programma 10 Werk & Inkomen

     

Baten EU-subsidie AMIF (10.04)

-100

0

0

0

0

Onderschrijdingen maatwerkbudget (10.05)

-450

-300

-150

0

0

Onderschrijding budget bijzondere bijstand (10.07)

-500

0

0

0

0

Implementatie wettelijke verplichting vroegsignalering schulden (10.01)

0

150

150

0

0

Uitvoeren snelle hulp schulden bij sociaal wijkteam

0

91

0

0

0

Uitvoeren snelle hulp schulden bij Stadsbank (10.08)

0

190

0

0

0

      

Totaal

-51

6.572

5.866

4.905

7.050

5.2 Financiele keuzes binnen het hek

De problematiek binnen het financiële hek rond het sociaal domein is ten opzichte van de Programmabegroting 2020 verder toegenomen. Zonder bijsturingsmaatregelen staat in 2024 een structureel tekort van € 7,0 miljoen. Hierbij is het goed om te realiseren dat we hierbij in onze meerjarenraming al uitgaan van € 3,6 miljoen aan aanvullende middelen vanuit de rijksoverheid.

Op basis van de afspraken in het beleidsakkoord hebben we bijsturingsvoorstellen opgesteld om het structurele tekort van 7 miljoen om te buigen. In deze Kaderbrief stellen we voor om een bijsturingspakket in de Programmabegroting 2021 te verwerken dat uiteindelijk uitkomt op een besparing van € 1,8 miljoen structureel in 2024. Dit is uit twee delen opgebouwd:

  • Voor de financiële problematiek binnen programma 9 en 10 staat hieronder bij 'eerste aanzet tot bijsturingsvoorstel' een set voorstellen om budgetten te verlagen of schrappen. Hierbij is per maatregel steeds toegelicht wat het verwachte effect is.
  • Voor de financiële problematiek binnen de Jeugdhulp worden binnen de TWO Holland Rijnland voorstellen ontwikkeld om de verwachte stijging in kosten om te buigen. We schatten in dat dit voor het Leidse aandeel een structurele meevaller van € 650.000 kan opleveren vanaf 2021. In het Portefeuillehoudersoverleg van 8 juli wordt de regionale begroting Jeugdhulp TWO vastgesteld inclusief 10 voorstellen die de stijging in kosten moeten ombuigen. Het betreft hier onder meer de versnelde uitrol van de Praktijkondersteuner Huisartsen (POH), duur begeleiding inkaderen, realisatie van kinderopvang en BSO met extra specialistische ondersteuning etc.

Vanwege de forse resterende tekorten hebben we ook aanvullende bijsturingsvoorstellen onderzocht voor een bedrag dat oploopt tot € 5,2 miljoen structureel. We vinden het echter nu niet reëel en verantwoord om deze maatregelen door te voeren. Niet reëel omdat er met het huidige ombuigingspakket van 1,7 miljoen in 2020 (bovenop de nog lopende ombuigingen uit het bijsturingsvoorstel RV19.0114) al sprake is van een grote transformatie die moet plaatsvinden. Niet verantwoord omdat het met de huidige Corona-crisis we een sociale stad willen blijven met hulp en ondersteuning voor iedereen die dat nodig heeft. Daarnaast zorgen de lopende onderzoeken bij het Rijk naar de financiering van het sociaal domein van gemeenten en de aanstaande herverdeling van het Gemeentefonds voor onzekerheid over de toekomstige geldstromen. Met deze onzekerheid willen we verder ingrijpen uitstellen. Daarom maken we de volgende keuzes:

  • De structurele meerkosten RDOG vangen we op vanuit de Algemene middelen. De RDOG voert grotendeels wettelijke taken uit en heeft beleidsmatig een minder directe samenhang met de andere onderdelen binnen het hek van het sociaal domein en is ook sterk geprotocolleerd. Hiermee achten we het verdedigbaar om de RDOG bij de Programmabegroting 2021 buiten het hek te beschouwen. Hiervoor leggen we u bij de Programmabegroting 2021 een voorstel voor.
  • Op de korte termijn vangen we het resterend tekort in 2021 en 2022 op vanuit de algemene middelen. Het resterend structureel tekort voor 2023-2024 blijft staan zodat dit kan worden afgewogen tegenover de beschikbare middelen als de uitkomsten van de herverdeling van het Gemeentefonds en onderzoeken naar de financiering van het sociaal domein bekend zijn.
  • Het voordelig saldo van € 761.000 dat door de bovenstaande keuzes binnen het hek ontstaat in 2020 voegen we conform de geldende afspraken toe aan de reserve sociaal domein. Hierdoor bereikt deze reserve een stand van afgerond € 5,2 miljoen. Dit vormt een belangrijke buffer om eventuele aanvullende tegenvallers in de komende jaren of het langzamer realiseren van beoogde ombuigingen dan geraamd op te kunnen vangen. Hiermee drukken dergelijke nadelen niet meteen op de concernreserve.

Tabel: financiele keuzes en positie sociaal domein

(bedragen x 1.000, - = voordeel)

2020

2021

2022

2023

2024

Tekort sociaal domein excl. verwachte rijkscompensatie

927

7.472

8.962

8.250

10.646

Aanname extra rijksinkomsten Jeugd vanaf 2022

-

-

-1.946

-1.946

-1.946

Aanname compensatie rijk abonnementstarief

-978

-900

-1.150

-1.400

-1.650

Tekort sociaal domein incl. verwachte rijkscompensatie

-51

6.572

5.866

4.904

7.050

Bijsturingsvoorstel en bijsturing TWO

0

-1.953

-2.011

-1.686

-1.761

Opvangen meerkosten RDOG uit algemene middelen

-710

-656

-594

-589

-589

Opvangen tekort 2021-2022 uit algemene middelen

0

-3.963

-3.261

-

-

Storten saldo 2020 in reserve sociaal domein

761

-

-

-

-

Restsaldo sociaal domein (taakstellend)

0

0

0

2.629

4.700

Met deze keuzes voor bijsturing ontstaat op de korte termijn lucht om de lopende doorontwikkeling binnen het sociaal domein te realiseren. Op de langere termijn blijven de financiële uitdagingen echter staan. De lopende onderzoeken bij het rijk naar de financiering van de gemeentelijke zorgtaken en de herverdeling van het gemeentefonds leiden hopelijk tot een meer reële financiering vanuit het rijk bovenop de reeds ingeboekte rijksbaten. Omdat ook gemeentelijke middelen eindig zijn, zullen we ook in de toekomst (financiële) kaders moeten stellen voor de gemeentelijke zorgtaken. Daarom houden we vast aan het financiële hek.

5.3 Bijsturing binnen het hek

In deze paragraaf wordt een eerste set bijsturingsvoorstellen gepresenteerd. We hebben ze getoetst aan de Visie Sociaal Domein en passen bij de lijn om te investeren in preventie (stadsklimaat) en collectieve voorzieningen. Voor we de maatregelen presenteren gaan we in op een aantal overwegingen voor de totstandkoming van dit voorstel voor bijsturing.

Maatregelen met direct effect op inwoners
Een aantal van de maatregelen zal, evenals bij het bijsturingsvoorstel uit 2019, effect hebben op de meer kwetsbare inwoners van onze stad. Dit geldt ook het verlagen van de beschikbare middelen voor maatschappelijke initiatieven (deelverordening).

Andere typen voorstellen
In het voorstel zijn ook andere typen voorstellen opgenomen. Het gaat daarbij om het inzetten van incidentele reserves waarvoor nog geen heldere bestedingsafspraken zijn gemaakt en het opheffen van restbudgetten.

Passend bij het voorstel om incidentele reserves binnen het hek in te zetten, is in dit voorstel ook gekeken naar reserves buiten het hek. Een van de reserves buiten het hek waar nog geen duidelijke bestemming voor was is de Reserve sociaal-culturele en maatschappelijke voorzieningen. Hierin is nog een bedrag gereserveerd van € 841.000 voor het doen van duurzame investeringen. We stellen voor deze reserve zo in te zetten dat deze, ook al valt de reserve zelf buiten het hek, positieve effecten heeft op de activiteiten binnen het hek. Ook op deze manier kunnen we incidenteel een bijdrage leveren aan het verlagen van de vraag naar voorzieningen binnen het hek. Hiervoor wordt gedacht aan het leggen van een verbinding met de fysieke Huizen van de Buurt en eventueel de culturele component daarin, waarmee de sociale basis in de stad versterken. Dit najaar zal bij het raadsvoorstel Bijsturing Sociaal Domein 2020 een concreet voorstel hiervoor gedaan worden.

Financiële tegemoetkoming chronisch zieken en gehandicapten

In het RV Bijsturing Sociaal Domein 2019 is de financiële tegemoetkoming chronisch zieken en gehandicapten voor 2020 nog één jaar incidenteel mogelijk gemaakt maar vanaf 2021 als bijsturingsmaatregel structureel geschrapt. Hierbij is in het debat met de raad aangegeven dat later op basis van de geactualiseerde financiële beeld zou worden overwogen in hoeverre deze regeling ook in 2021 en verder zou kunnen worden voortgezet. Continuering van deze regeling leidt tot een verslechtering van het financiële beeld met nogmaals 1 miljoen. Gezien de financiële situatie binnen het hek sociaal domein stelt het college dit niet voor.

5.4 Bijsturingsvoorstel

In de tabel hieronder staat het bijsturingsvoorstel dat tot stand is gekomen op basis van bovengenoemde overwegingen. De maatregelen worden onder de tabel inhoudelijk toegelicht.

Tabel: bijsturingsmaatregelen

bedragen in x 1.000

2020

2021

2022

2023

2024

Programma 7 Jeugd & Onderwijs

     

Verondersteld effect bezuiningingsvoorstellen TWO

 

-650

-650

-650

-650

Programma 9 Maatschappelijke Ondersteuning

     

Schrappen budget uitvoeringskosten derden Regiotaxi Wmo

 

-30

-30

-30

-30

Afbouw Leidse bijdrage maatschappelijke opvang

 

-205

-77

-77

-77

Schrappen invoeringsbudget begeleiding

 

-39

-39

-39

-39

Schrappen budget doorontwikkeling

 

-60

-231

-231

-231

Verlagen deelverordening maatschappelijke initiatieven

 

-75

-75

-75

-75

      

Programma 10 Werk & Inkomen

     

maatwerkbudget verlagen naar 450 structureel

 

0

-75

-75

-150

verlaging re-integratiebudget DZB

 

-100

-200

0

0

verlaging Leids participatiebudget

 

-125

-125

0

0

verlaging budget bijzondere bijstand

 

-500

-500

-500

-500

Kwijtschelding lokale lasten kamerbewoners

 

-9

-9

-9

-9

      

Reserves

     

Storting reserve sociaal domein

761

0

0

0

0

inzetten restant Leidse kracht (DZB)

 

-114

0

0

0

inzetten reserve OGGZ/GSB

 

-46

0

0

0

Totaal alle voorstellen

761

-1.953

-2.011

-1.686

-1.761

Toelichting op de bijsturingsmaatregelen

Programma 7 Jeugd en Onderwijs

Verondersteld effect bezuiningingsvorstellen TWO
Voor de financiële problematiek binnen de Jeugdhulp worden binnen de TWO Holland Rijnland voorstellen ontwikkeld om de verwachte stijging in kosten om te buigen. We schatten in dat dit voor het Leidse aandeel een structurele meevaller van 650.000 kan opleveren vanaf 2021. In het PHO van 8 juli wordt de regionale begroting Jeugdhulp TWO vastgesteld inclusief 10 voorstellen die de stijging in kosten moeten ombuigen. Het betreft hier o.a. versneld uitrol POH, duur begeleiding inkaderen, realisatie van kinderopvang en BSO met extra specialistische ondersteuning etc.

Programma 9 Maatschappelijke Ondersteuning
Schrappen budget uitvoeringskosten derden Regiotaxi Wmo
Binnen programma 9 werd rekening gehouden met een budget voor ‘Uitvoeringskosten derden Regiotaxi’. Deze kosten worden echter via andere budgetten gedekt waardoor dit budget kan vrijvallen.

Afbouw Leidse bijdrage maatschappelijke opvang
Leiden geeft meer uit aan maatschappelijke opvang dan dat er van het Rijk ontvangen wordt. In 2019 is met het raadsvoorstel bijsturing sociaal domein al 750.000,- structureel ingeboekt vanaf 2021. Daarmee blijft er nog een incidenteel tekort van 205.000,- en een structureel tekort van 77.000,- over. Richting de programmabegroting 2021 gaan we maatregelen uitwerken waarmee we het tekort ten opzichte van de Rijksmiddelen verder kunnen terugbrengen.

Schrappen invoeringsbudget begeleiding
Er was een tijdelijk budget invoering begeleiding, maar dat is per abuis structureel geraamd. Dit structurele budget kan daarom vrijvallen.

Schrappen budget doorontwikkeling
Op het budget doorontwikkeling is het resultaat van de aanbesteding van de Sterke Sociale Basis tot uitdrukking gekomen. We stellen voor dit resultaat in te zetten ter invulling van de taakstelling.

Verlagen Deelverordening maatschappelijke initiatieven
Het voorstel is het beschikbare budget voor maatschappelijke initiatieven beperkt af te bouwen. Door een budget over te houden, houden we wel ruimte voor maatschappelijke initiatieven die echt gestimuleerd moeten worden (zoals in bepaalden wijken, gebieden). Daarnaast draagt deze regeling ook bij aan integratie(doelstellingen). We zijn bij deze afbouw uitgegaan van een gefaseerde halvering van het beschikbare budget van 251.000,- (RV 16.0136) en hebben de bijsturingsmaatregel van 50.000,- ‘Herzien subsidies’ uit RV 19.0114 hierin verwerkt. Er blijft dan voor maatschappelijke initiatieven 125.000,- over.

Programma 10 Werk & Inkomen
Verlagen maatwerkbudget
Er blijkt minder te worden uitgegeven aan maatwerkbudget, voorheen het minimabeleid. Voorgesteld wordt daarom om het hiervoor begrote budget gefaseerd te verlagen. Er blijft structureel 450.000 beschikbaar. Activiteiten als o.a. het Sociale Leningenfonds, Stichting Urgente Noden en Stichting Leergeld blijven bestaan. Hiervoor is 251.000 beschikbaar.

Verlagen re-integratiebudget DZB
Voorgesteld wordt om een beperkte verlaging door te voeren. Door de extra rijksmiddelen voor Perspectief op werk vindt er per saldo geen verlaging plaats van de re-integratie activiteiten in de periode 2020-2022.

Verlagen Leids participatiebudget
Voorgesteld wordt om een beperkte verlaging door te voeren. Het budget wordt niet volledig geschrapt, omdat er daardoor geen mogelijkheden meer zijn om extra inspanningen te doen voor de groep 27-min, waar het budget voor bestemd is.

Verlagen budget bijzondere bijstand
De uitgaven over de eerste vijf maanden van 2020 zijn lager dan verwacht. De uitgaven aan bewindvoerings-kosten lijken stabieler te worden, terwijl een verdere stijging was verwacht. Ook de uitgaven aan de individuele inkomenstoeslag (itt) zijn lager dan verwacht. Doordat de referteperiode 5 jaar is, zal de toename van het aantal bijstandsgerechtigden door de coronacrisis de eerste jaren nauwelijks leiden tot extra itt-verstrekkingen. Stijging kan alleen komen van bestaande bijstandsgerechtigden, die korter dan 5 jaar een uitkering hebben en nu minder uitstroomkansen zullen krijgen.

Afschaffen kwijtschelding lokale lasten kamerbewoners
Het bedrag aan kwijtschelding kamerbewoners (dit zijn voornamelijk studenten) loopt elk jaar sterk terug. Nu wordt voorgesteld deze regeling te stoppen.

Inzetten restant Leidse kracht
Ultimo 2019 was er nog 114.000 beschikbaar aan Leidse krachtmiddelen, die gereserveerd staan in de bedrijfsreserve DZB. Omdat het project is gestopt, kan het restant vrijvallen.

Inzetten reserve OGGZ/GSB
In deze reserve zit momenteel nog 46.000. Dit was in 2019 ingezet voor dekking van de stedelijke jeugdaanpak, maar door een onderschrijding op het uitgavenbudget bleef dit restant nog over in de reserve. Na onttrekking kan de reserve worden opgeheven.

5.5 Niet opgenomen/voorgestelde bijsturingsmaatregelen

In theorie is het mogelijk om het ontstane tekort binnen het hek te dichten. Dit kan echter alleen door maatregelen te nemen, waarbij onze visie sociaal domein en recentelijk vastgesteld beleid zoals het minima- en armoedebeleid en/of de zorgplicht van de gemeente in het geding komt, en wachtlijsten zullen toenemen. In onderstaande tabel staan deze maatregelen incl. de bedragen die per maatregel als besparing nodig zijn om het tekort binnen het hek te dekken. Dit is een voorbeeld ter illustratie; er zijn immers ook andere mogelijkheden, zoals een kaasschaaf of sommige andere budgetten naar nul brengen en anderen weer meer in stand houden.

Bedragen x 1.000,-

2023

2024

Afschaffen bijdrage premie aanvullende verzekering minima

-1.126

-1.126

Uitvoeringskosten premie aanvullende verzekering minima

-50

-50

Verdere verlaging maatwerkbudget voor minima

-300

-300

Volledig afschaffen budget maatschappelijke initiatieven

-125

-125

Uitvoeringskosten maatschappelijke initiatieven

-65

-65

Minimabeleid jongeren en kinderen verlagen met 50% (St.Leergeld)

-256

-256

Halvering Jeugdsportfonds

-85

-85

Minder middelen beschikbaar stellen voor SWT (-25%)

-1.050

-1.050

Minder middelen beschikbaar stellen voor JGT (-25%)

-1.225

-1.225

Verdere verlaging Participatiebudget (beperken tot rijksbijdrage)

-663

-663

Niet honoreren inzet uitvoering backofice Wmo

-225

-225

Totaal

-5.170

-5.170

5.6 Ontwikkeling reserve sociaal domein

Hieronder staan de ontwikkelingen in de reserve sociaal domein na verwerking bestemmingsvoorstel jaarrekening resultaat 2019, ontwikkelingen kaderbrief jaarschijf 2020, terugdraaien onttrekkingen 2024 en toekomstige mutatie 2e berap 2020.

Tabel: ontwikkeling Reserve sociaal domein

Reserve sociaal domein

 

stand 31/12/2019

25.441.020

saldo mutaties 2019-2023

-19.128.438

begrote stand 31/12/2023

6.312.582

  

beoogde onttrekkingen 2020-2023

 
  

geoormerkt voor Beschermd Wonen (regio)

-6.553.786

geoormerkt voor Vrouwenopvang (regio)

-191.210

totaal geoormerkt

-6.744.996

  

Bestemming Jaarrekening 2019

 

prog 2 sociaal domein

26.836

prog 7 sociaal domein

-376.378

prog 9 sociaal domein

1.019.726

prog 10 sociaal domein ex DZB

1.557.283

ESF Leidse regio (circa 20%)

150.250

ESF Leidse regio (circa 20%)

-150.250

afroming bedrijfsreserve DZB

413.898

aanpassing DU schuld armoede 2019

-62.000

Per saldo te storten

2.579.365

  

Kaderbrief 2020-2024, jaarschijf 2024

 

Programma 7 Jeugd en Onderwijs

 

1e herziening regionale begroting HR 2020

-480.000

Fasering/vertraging invoering bijsturing

-250.000

2e herziening regionale begroting HR 2020 en concept regionale begroting jeugdhulp HR 2021-2024

-1.200.000

Verbeterplan gecertificeerde instellingen jeugdhulp

-54.000

Regionaal transformatiefonds Jeugdzorg

54.000

meicirculaire Voogdij 18+ (effect 2020)

98.109

Huisvesting bijzondere doelgroepen

274.000

Programma 9 Maatschappelijke Ondersteuning

 

Bijdrage Holland Rijnland gemeeenten aan maatschappelijke zorg

1.000.000

Innovatiebudget Wmo Leidse regio

400.000

uitvoeringscapaciteit Wmo

-100.000

Maatwerkvoorzieningen Wmo

-1.081.000

Prognose WMO-compensatie Rijk abonnementstarief

1.050.000

Programma 10 Werk en Inkomen

 

Baten EU-subsidie AMIF

100.000

Onderschrijdingen maatwerkbudget

450.000

Onderschrijding budget bijzondere bijstand

500.000

te storten 2020

761.109

  

Voorlopige eindverantwoording TWO 2019 (2e berap 2020)

506.431

  

kaderbrief 2020-2024, jaarschijf 2024

 

Nog in te vullen structurele bijsturing 2019 (RV 19.0114), geraamde onttrekking terugdraaien

1.130.487

Tekort sociaal domein vanaf 2024 (uit meicirculaire 2018), geraamde onttrekking terugdraaien

637.301

  

stand 31/12/2023 na besluitvorming

5.182.279

streefniveau opvang risico's (buffer zoals vastgesteld in RV 19.0114)

1.500.000

  1. Zie ook paragraaf 3.2.14 Bijzonder Programma Doorontwikkeling Sociaal Domein voor een iets uitgebreidere definitie.
  2. Er zijn inmiddels al verschillende publicaties verschenen die ingaan op de verwachte gevolgen van corona op de maatschappij, zoals het rapport van de Commissie Halsema ‘ Sociale impact van de coronacrisis' en het SCP-rapport 'Zicht op de samenleving in Coronatijd'. Deze rapporten zij betrokken bij het schrijven van deze paragraaf.