Kaderbrief 2020-2024

Reserve Parkeren (auto en fiets)

Het voorliggende meerjarenperspectief van de reserve Parkeren sluit aan bij het kader zoals dit in het raadsbesluit in 2009 ter zake is geformuleerd: de reserve Parkeren is in beginsel een ‘gesloten systeem’ waarbij de inkomsten en uitgaven over een periode van 20 jaar met elkaar in evenwicht moeten zijn. Het perspectief loopt daarom tot 2039.

In deze bijlage wordt eerst de prestatie voor Autoparkeren besproken, vervolgens de prestatie voor Fietsparkeren en afsluitend een totaaloverzicht van de reserve Parkeren.

Autoparkeren

Het getoonde perspectief van de reserve Parkeren is gebaseerd op het actuele parkeerbeleid van Leiden. De belangrijkste zaken waar voor de auto exploitatie rekening mee is gehouden zijn:

  • De actuele stand van de reserve parkeren-auto na resultaatbestemming per 1 januari 2020 van 5.9 mln. positief;
  • Kosten ten behoeve van het vergroten van de parkeergarage Haarlemmerstraat;
  • Tariefsverhoging van 0,30 per uur in 2021 en 0,30 per uur in 2022 ten behoeve van een dotatie in het Financieel Perspectief Duurzame Stad;
  • Derving van inkomsten als gevolg van de Corona-crisis (zie toelichting hieronder).

Gevolgen door Corona

Wij constateren een gemiddelde omzetdaling van circa 100.000 per week voor straat- en garage-parkeren in vergelijking met dezelfde periode vorig jaar. Daarnaast worden er minder naheffingen uitgeschreven en lopen wij op dit taakveld circa 90.000 per maand mis. Omdat onduidelijk is hoelang de Coronabeperkingen blijven gelden hebben wij twee maatregelen in de Parkeerexploitatie verwerkt.

  • De afgelopen jaren hebben wij op autoparkeren een positief resultaat behaald ten opzichte van de begroting (over 2019 een bedrag van 1,4 mln. op de baten). Normaal gesproken wordt dan de begroting bijgesteld op basis van realisatie voorgaande jaar. Dit is nu vooralsnog maar beperkt gebeurd;
  • Wij hebben een bedrag aan verminderde inkomsten opgenomen van 1 mln. voor 2020. Dit is een zeer behoudende raming van de verminderde parkeerinkomsten over 2020.

Wij gaan de verminderde inkomsten aanmelden voor de compensatieregeling die vanuit het Rijk wordt opengesteld.

De toekomstige financiële ontwikkeling voor autoparkeren

Het huidige beeld laat zien dat de verwachte stand van de autoreserve per einde 2039 positief is en daarmee past binnen het kader van het raadsbesluit uit 2009. Tussen de jaren is sprake van een structureel positief saldo, waarbij de laagste waarde van de reserve parkeren circa 5,3 mln. bedraagt. Dit beeld wijkt in gunstige zin af van het beeld dat in 2019 is gepresenteerd toen een laagste stand van de reserve Autoparkeren van circa 800.000 werd verwacht. De prestatie parkeren heeft in 2019 een beter resultaat gegeven dan was geprognotiseerd. Dit komt onder andere door:

  • Hogere inkomsten uit straatparkeren van circa 929.000. Waarvan 729.000 uit opbrengsten straat en 160.000 uit vergunningen;
  • Hogere inkomsten uit de gemeentelijke parkeergarages van circa 473.000. Waaronder de parkeergarage Morspoort (+ 211.000) en de Lammermarkt (+ €173.000) de grootste meeropbrengst laten zien;
  • Lagere kapitaallasten en exploitatielasten van de parkeergarage Garenmarkt als gevolg van het later open gaan;
  • Uitstellen van onderhoud aan de parkeergarage Haarlemmerstraat in verband met de te verwachten vergroting van deze parkeergarage.

Fietsparkeren

De fietsexploitatie is volledig negatief. De hoogste kosten (circa 60% van de kosten) hangen samen met de bemensingskosten door DZB in vijf fietsenstallingen. Het getoonde perspectief van het resultaat van de exploitatie van fietsparkeren is gebaseerd op het actuele parkeerbeleid van Leiden. De belangrijkste zaken waar voor de fietsexploitatie rekening mee is gehouden zijn:

  • realisatie van twee nieuwe stallingen in het Stationsgebied met een capaciteit van circa 3.000 stallingsplaatsen (de Geus in 2023) en 3.300 stallingsplaatsen (restopgave in 2024);
  • bruto-investeringen van beide stallingen bedragen circa 17 mln. (De Geus) en 22 mln. (restopgave), totaal 39 mln. Netto, na aftrek bijdragen derden, bedragen de investeringskosten voor de gemeente circa 20,5 mln.;
  • handhavingskosten en opbrengsten uit door eigenaren opgehaalde fietsen (fiets fout = fiets weg en weesfietsen);
  • de bestemmingsreserve Fietsparkeren. Deze is bestemd voor het dekken van toekomstige stallingen en heeft een grootte van circa 8 mln. per 1 januari 2020.

Combinatie Auto en Fiets

Bij het toevoegen van het geprognosticeerde resultaat fietsparkeren aan de reserve Parkeren zijn de bovenstaande uitgangspunten van Auto en Fiets samengevoegd. Hiermee is de hoogte van de gecombineerde reserve Parkeren (auto en fiets) in totaal circa 13.5 mln. per 1 januari 2020 en circa 12,1 mln. op 31 december 2020.

Het huidige beeld laat zien dat de verwachte stand van de gecombineerde reserve parkeren positief blijft. De laagste waarde van de reserve parkeren bedraagt circa 1 mln. Het moment waarop de laagste waarde wordt verwacht is in 2030.