Kaderbrief 2020-2024

Financiële ontwikkelingen

Ontwikkeling

Nr.

Onderwerp

L/B

I/S

2020

2021

2022

2023

2024

Budgettair neutraal

07.01

Verbeterplan Jeugdbescherming (gedekt uit transformatiegelden)

L

I

-130

-130

   
     

130

130

   

Mee/Tegenvaller

07.02

Herijking Integraal Huisvestingsplan OHV (IHP)

L

S

 

-114

-153

-5

1.295

  

IHP

L

I

    

-1.269

 

07.03

Leerlingenvervoer

L

S

70

70

70

70

70

 

07.04

OZB OHV

L

S

250

250

250

250

250

 

07.05

Nieuwe bijstelling begroting regionale Jeugdhulp mei 2020 en integratie-uitkering voogdij/18+ (SD)

L

S

1.102

2.335

2.347

2.359

2.363

 

07.06

Bijgestelde begroting 2020 regionale jeugdhulp en tragere invulling taakstelling

L

S

730

1.433

1.467

1.099

625

Nieuw Beleid

07.07

Programma Jeugdhulp Leidse regio

L

I

 

225

   

Tot.

    

2.152

4.199

3.982

3.772

3.334

Budgettair neutraal

07.01 Verbeterplan Jeugdbescherming dekken uit transformatiegelden (SD)

In het PHO overleg is besloten in te stemmen met het Verbeterplan Gecertificeerde Instelling Jeugdbescherming West. Aanleiding van het Verbepterplan is het kritische rapport van de inspectie over de jeugdbeschermingsketing eind 2019. Eind mei 2020 moeten de gemeenten dit Verbeterplan indienen bij het Rijk. De indicatieve kosten hiervan voor de regio bedragen voor de 2020 en 2021 € 567.000. Het Leidse aandeel hierin is € 130.000. Met de beschikbaar gestelde middelen wordt het tarief opgehoogd zodat deze kostendekkend is en wordt ingezet op verlaging van de caseload.

Mee-/tegenvallers

07.02 Integraal Huisvestingsplan Onderwijshuisvesting (IHP)

In 2019 is gebleken dat een aantal lopende scholenbouwprojecten door snel gestegen bouwkosten niet uitvoerbaar was voor de daarvoor ter beschikking staande budgetten. Teneinde hiervoor financiele ruimte te maken zijn bij de 1e bestuursrapportage 2019 enkele projecten uit het IHP afgeraamd. Het resterende investeringesvolume blijkt niet meer toereikend voor het uitvoeren van de resterende projecten. Dit maakt een herijking van het IHP noodzakelijk. Er is daarom een nieuw IHP opgesteld met een advies voor de noodzakelijke bouwkundige ingreep per schoolgebouw. Dit nieuwe IHP is gebaseerd een schouw van de schoolgebouwen uit het IHP, leerlingenprognoses, stedelijke ontwikkeling en andere factoren. Het nieuwe, herijkte IHP vraagt een totale investering van de gemeente van € 106,7 miljoen in de periode tot en met 2032. Dit is ruim € 59 miljoen boven het huidige vastgestelde budget voor het huidige IHP tot en met 2030; namelijk 47,6 miljoen.Teneinde de druk op de begroting te verminderen wordt gefaseerd navolging gegegeven aan het herijkte nieuwe IHP. Daarbij wordt in de eerste fase gestart met de projecten die volgens het herijkte nieuwe IHP de grootste prioriteit moeten krijgen. Hiervoor wordt het beschikbare investeringsvolume ingezet. Bij deze kaderbrief is een extra investeringsvolume van ca. € 24,1 miljoen opgenomen om de noodzakelijke projecten in de 2e fase uit te voeren. De kapitaallasten van het extra benodigde investeringsvolume lopen geleidelijk op naar een niveau van ca.€ 1,3 miljoen in 2025. In de periode daarna tot 2032 stijgen de extra kapitaallasten verder naar ruim € 1,5 miljoen. De derde fase zal bestaat uit het vaststellen van een nieuw IHP. In 2025 zal dit nieuwe IHP aan de raad worden aangeboden. Daarin zal ook de benodigde dekking worden opgenomen voor deze laatste fase.

07.03 Leerlingenvervoer

Het budget voor Leerlingenvervoer is bij de 1e bestuursrapportage 2019 structureel met 200.000 verlaagd. Dit werd mogelijk door een gunstige aanbesteding eind 2018. Uit de jaarrekening 2019 blijkt dat deze neerwaarste bijstelling te gunstig is ingeschat. Daarom wordt het budget structureel met 70.000 verhoogd.

07.04 Ozb Onderwijshuisvesting

In de jaarrekening 2019 is sprake van een nadeel op de ozb voor onderwijsgebouwen van 250.000. Voor een belangrijk deel wordt dit nadeel veroorzaakt doordat in de jaren 2016 t/m 2019 de tariefstijgingen van de ozb niet woningen niet (volledige) gecompenseerd is door de indexering van de betreffende budgetten hiervoor. Voor het overige wordt het nadeel veroorzaakt door stijging van de waarde van de onderwijsgebouwen. Het nadeel zal zich mogelijk ook de komende jaren voordoen.

07.05 Nieuwe bijstelling begroting regionale Jeugdhulp mei 2020 en integratieuitkering voogdij 18+ (SD)

De bijstelling van de regionale Jeugdhulpbegroting 2020 en de begroting 2021 - 2024 leiden tot een aanvullend nadeel van € 1,1 miljoen in 2020 en structureel 2,3 miljoen nadeel vanaf 2021. De TWO geeft aan dat een groei in de vraag naar jeugdhulp en de complexiteit van de hulpvragen toenemen. De intensiteit en duur van inzet van de hulp neemt toe. Dit heeft cliëntenstop en wachttijden als gevolg. De groei is vooral te zien in de volgende sectoren: begeleiding, onderwijs-jeugdhulp inzet en GGZ. Ook verwacht TWO een kostenstijging van 4% waar in de Leidse indexering met 3,2% rekening wordt gehouden. Vanuit de TWO worden voorstellen uitgewerkt om dit tekort terug te brengen. Deze bijsturingvanuit TWO is opgenomen in het bijsturingsvoorstel sociaal domein zoals toegelicht in programma 9 en het inleidend hoofdstuk sociaal domein.

Naast de bijstelling van de begroting voor Jeugdhulp TWO blijkt uit de meicirculaire 2020 dat de integratieuitkering voogdij/18+ door lagere besteding vanaf 2019 naar beneden wordt bijgesteld. Deze integratieuitkering wordt verdeeld op basis van de gerealiseerde uitgaven twee jaar eerder. Dit zorgt voor een structureel nadeel van € 827.000 in 2021 oplopend tot € 841.000 in 2024. In 2020 vindt er een verhoging plaats van € 98.000, omdat de besteding in 2018 hoger is geweest. De lagere besteding in 2019 staat tegenover de totale kostenontwikkeling binnen de Jeugdhulp.

07.06 Bijgestelde begroting 2020 regionale Jeugdhulp en tragere invulling taakstelling (SD)

In raadsvoorstel 19.0158 Kader voor de opdracht aan de gemeentelijke toegang jeugdhulp meldt het college aan de raad een structureel tekort door de bijgestelde regionale begroting voor de specialistische Jeugdhulp door de TWO. Dit levert een verwacht structureel tekort op van 480.000 (513.000 minus 33.000). In het hetzelfde raadsvoorstel is door het anders organiseren van de gemeentelijke toegang invulling gegeven aan de in de Programmabegroting 2020 verwerkte taakstelling op de specialistische Jeugdhulp. Dit vergt een aanvullende investering van 817.000. Met deze investering wordt geleidelijk invulling gegeven aan de opgenomen taakstelling. De verwachte besparingen worden in een trager tempo gerealiseerd dan de opgenomen taakstelling. In het meest optimistische scenario levert dit van 2020-2024 een incidenteel nadeel van in totaal ruim 2,9 miljoen op. Na 2024 wordt in dit scenario een klein voordeel verwacht.

Bedragen x 1.000,-

2020

2021

2022

2023

2024

totaal

1 Lagere kosten JGT

-33

-33

-33

-33

-33

 

1 Hogere kosten regionale jeugdhulp

513

513

513

513

513

 

2 Investeren in gemeentelijke toegang

0

817

817

817

817

3.268

2 Terugdraaien taakstelling Jeugd begroting 2020

250

1.000

1.250

1.250

1.250

5.000

2 Invulling taakstelling jeugd

0

-412

-751

-1.149

-1.697

-4.009

2 Invulling taakstelling jeugd

0

-500

-500

-500

-500

-2.000

2 half jaar uitstel aanbesteding zorgaanbod door corona (cumulatief afgerond 0,7 miljoen)

0

47

170

200

274

691

2 totaal cumulatief 2020 t/m 2024

     

2.950

totaal

730

1.433

1.467

1.099

625

 

Nieuw beleid

07.07 Voortzetten programma Jeugdhulp Leidse Regio tot en met 2024 (SD)

Voortzetting van het project doorontwikkeling Jeugdhulp in het programma Jeugdhulp Leidse regio. De beleidskaders voor de doorontwikkeling zijn opgeleverd. We gaan nu over naar de fase van implementatie. Hierbij blijft de huidige capaciteit onverminderd nodig. We gaan uit van de duur van de vastgestelde kaders tot en met 2024. We zijn voornemens om het meerjarig incidenteel budget van 225.000 tot en met 2024 door te laten lopen. Het gaat om de kosten voor programmamanager, programmaondersteuning, werkbudget en inhuur/ inzet van financiële/ juridische/ communicatie expertise. Het bedrag van € 225.000 in 2021 verwerken we in deze Kaderbrief. De besluitvorming over het nieuw beleid vanaf 2022 verschuiven we naar de Programmabegroting 2021 (zie ook hoofdstuk financiële keuzes en positie).