Ga naar boven

Financiële ontwikkelingen

NR

Soort

Onderwerp

L/B

I/S

PFH

2018

2019

2020

2021

05.01

Mee/Tegenvaller

Programmamanagement Programma Duurzaamheid

L

I

Paul Dirkse

75

0

0

0

05.02

Autonoom

Beheer- en onderhoudskosten diverse projecten door areaaluitbreiding

L

S

Paul Laudy

246

246

246

246

05.03

Nieuw Beleid

Wijkgericht werken

L

S

Paul Laudy

0

300

300

300

05.04

Autonoom

Areaalmutatie inzamelen huishoudelijk afval adhv prognose woningvoorraad

L

S

Paul Laudy

63

111

109

109

05.05

Autonoom

Aanslag watersysteemheffing

L

S

Paul Laudy

160

160

160

160

05.06

Nieuw Beleid

Verhogen budget IP-parken ten behoeve van Uitwerkingsplan Groene Hoofdstructuur

L

S

Paul Laudy

0

8

15

22

05.07

Mee/Tegenvaller

Opbrengsten buitenreclame

B

I

Paul Laudy

79

0

0

0

05.08

Mee/Tegenvaller

Krediet Oostvlietpolder fase 2

L

S

Paul Laudy

4

4

4

4

05.09

Autonoom

Raming Afvalstoffenheffing

B

S

Paul Laudy

-351

-526

-597

-597

Raming Rioolheffing

B

S

Paul Laudy

-33

-109

-140

-140

Totaal

244

194

97

105

05.01 Programmamanagement Programma Duurzaamheid
Eind 2015 is een ambitieuze Duurzaamheidsagenda vastgesteld voor de jaren 2016-2020. Cruciaal voor de uitvoering van de Duurzaamheidsagenda en de integrale inbedding van duurzaamheid in de gemeentelijke organisatie is een programmatische aanpak. Voor deze programmatische aanpak zijn met de vaststelling van de Duurzaamheidsprojecten 2015 middelen vrijgemaakt voor de aanstelling van een programmamanager voor de periode 1/7/2015-1/7/2018. Vanaf juli 2018 is echter geen dekking voor de programmamanagementkosten. Dit terwijl de Duurzaamheidsagenda een uitvoeringstermijn kent t/m 2020. Gezien de huidige ontwikkelingen rondom duurzaamheid en grote opgaven is continuering noodzakelijk. De middelen die bij de Duurzaamheidsagenda 2016-2020 zijn vastgesteld zijn in eerste instantie bedoeld voor realisatie van projecten. De programmamanagementkosten zijn nu gedekt tot en met einde 2018. Het betreft 1 fte Programmamanager Duurzaamheid en 0,5 fte programmasecretaris Duurzaamheid

05.02 Beheer- en onderhoudskosten diverse projecten

Vanwege een aantal ontwikkelingen, met name in en rond Leiden Bio Science Park (LBSP) en het project Ontsluiting Bio Science Park zijn de beheer- en onderhoudskosten toegenomen.

Het betreft de volgende ontwikkelingen:
1) In het besluit Masterplan LBSP-Gorlaeus (RV 16.0131) is opgenomen dat conform het 2e Addendum Exploitatieovereenkomst inzake het Masterplan LBSP-Gorlaeus het openbaar terrein door de gemeente in eigendom en beheer wordt genomen. Dit terrein omvat circa 75.000 m2 en betreft de openbare infrastructuur - ter ontsluiting van de bestaande en nieuwe bedrijven. De beheerkosten hiervan bedragen € 94.000 extra per jaar. Met dit besluit heeft de raad besloten de toekomstige extra beheerkosten van de openbare ruimte, conform bestaand beleid, te dekken uit de toename van OZB-inkomsten en deze mee te nemen bij de eerstvolgende kaderbrief 2018-2021.
2) Bij het Uitvoeringsbesluit ‘Ontsluiting Bio Science Park, deelproject 1 - aanleg ongelijkvloerse kruising’ 13 (RV13.0096) is door de raad besloten de geraamde toename van de kosten voor beheer en onderhoud met € 70.000 te dekken uit de verwachte meeropbrengsten uit de onroerendezaakbelasting (OZB) door de toekomstige areaaluitbreiding ingevolge de geplande gebiedsontwikkeling van Leiden Bio Science Park;
3) Bij de vaststelling van het Programma van Eisen voor het Schilperoortpark heeft het college besloten om conform bestaand beleid de openbare ruimte in het Schilperoortpark, na realisatie door Universiteit Leiden, in eigendom en beheer te nemen en de toekomstige beheer- en vervangingskosten te dekken uit toename van OZB inkomsten, B&W-nummer (16.0979).

Overige ontwikkelingen die extra beheerkosten met zich meebrengen zijn:
4) Rotondes Merenwijk: de kruispunten Gooimeerlaan en Ketelmeerlaan worden met een herinrichting omgevormd tot rotondes. De beheerlasten nemen hierdoor toe met € 4.690. Voorgesteld wordt deze lasten structureel op te nemen in de begroting vanaf 2018.
5) Uitvoeringsbesluit Nieuweroord: bij het uitvoeringsbesluit Nieuweroord (RV: 16.0081) is door de raad besloten de jaarlijkse lasten voor beheer en onderhoud van € 60.000 als gevolg van uitbreiding areaal vanaf jaarschijf 2019 op te nemen in de eerstvolgende kaderbrief en deze te dekken uit de hogere inkomsten Algemene Uitkering en OZB (vanwege woningbouw op de locatie Nieuweroord).

05.04 Areaalmutatie inzamelen huishoudelijk afval aan de hand van de prognose woningvoorraad

De toekomstig extra inzamelkosten van huishoudelijk afval als gevolg van de mutatie in de woningvoorraad (inzameladressen) te dekken uit de toename van OZB-inkomsten.

05.05 Aanslag watersysteemheffing verhard en onverhard oppervlak
Sinds een aantal jaren ontvangt de gemeente van de BSGR een aanslag watersysteemheffing. Deze wordt berekend op basis van verhard en onverhard oppervlak. Het betreft hier een aanslag die aan de gemeente als eigenaar wordt opgelegd. De kosten zijn in de afgelopen 3 jaar met 300% gestegen tot afgerond € 160.000. Met deze heffing is geen rekening gehouden in de begroting. Dit leidt tot een nadeel van € 160.000 in 2017.

05.07 Opbrengsten buitenreclame

Door aanpassingen op de kruising Plesmanlaan-Haagse Schouwweg moest een grote reclamemast worden verwijderd. De bedoeling is om de reclamemast op een nieuwe locatie (langs de A44 ) terug te plaatsen. Dit kost in verband met het doorlopen van verschillende procedures veel tijd. De geraamde opbrengst buitenreclame wordt hierdoor over 2017 en 2018 voor een bedrag van 2 keer € 79.000 niet gerealiseerd.

05.08 Aanvullend krediet Oostvlietpolder fase 2
Vanwege de uitvoering van onvoorziene werkzaamheden door de aannemer en een langere doorlooptijd van het project (hogere plankosten o.a. als gevolg van complexe vergunningsproces en nieuw bestemmingsplan) wordt het krediet Oostvlietpolder fase 2 verhoogd met € 90.000. De jaarlijkse kapitaallasten bedragen € 4.500. Het krediet wordt aangevraagd bij de 1e bestuursrapportage 2017.

05.09 Raming afvalstoffenheffing en rioolheffing
Door toename van het aantal woningen en niet-woningen op basis van de bouwmonitor woningen en niet-woningen nemen de opbrengsten toe. Het aantal woningen neemt de komende 4 jaar toe met 4.336. De waarde totaal neemt toe van € 275 mln in 2018 tot € 1,1 miljard in 2021. Realisatie van bouwplannen voor niet-woningen levert een toename van de waarde op van € 75 mln in 2018 tot € 240 mln in 2020. De afvalstoffenheffing neemt met € 0,6 mln toe, de rioolheffing met € 0,14 mln.