Ga naar boven

Inleiding

In de periode 2018-2021 komen gemeenten en partners op het veld van de Maatschappelijke Ondersteuning opnieuw voor grote opgaven te staan. Er spelen meerdere ontwikkelingen die de druk op de middelen verhogen:

De decentralisaties van 2015 hebben het sociaal domein volop in beweging gebracht. Er gebeurt steeds meer op gebied van innovatie, preventie, burgerinitiatief en integrale aanpak. Dit vraagt onverminderd veel van partners in de stad, de sociale wijkteams (SWT's) en de gemeente zelf. Diverse trajecten gericht op vrijwilligerswerk en participatie, maar ook de doorontwikkeling van de SWT's, vragen meer tijd en extra financiële middelen.

De extramuralisering van beschermd wonen en maatschappelijke opvang vloeit voort uit het Beleidskader Maatschappelijke zorg. Uitgangspunt is dat mensen waar mogelijk zelfstandig wonen en in hun eigen wijk passende ondersteuning krijgen. Op termijn betekent dit minder intramurale voorzieningen (zoals daklozenopvang en beschermde woonvormen) en meer (intensieve) ondersteuning aan huis. Huisvesting is daarbij een belangrijk speerpunt voor de kwetsbare groepen. Maar ook Werk en Inkomen en W-o begeleiding en dagbesteding moeten hierop worden aangepast. Het vraagt verder iets van de wijken zelf, die de inclusie van kwetsbare inwoners mede vormgeven.

De SWT’s zijn de toegangspoort tot welzijn en (wmo) ondersteuning voor alle inwoners van Leiden. Vanwege de transitie was in 2015 en 2016 extra formatie aan de SWT's toegevoegd om alle cliënten die overkwamen uit de AWBZ te kunnen spreken en de nieuwe taak eigen te maken. Inmiddels zien we echter dat de druk op zowel de SWT's, als op de wmo-begeleiding, toeneemt. Dit heeft te maken met het langer zelfstandig thuis wonen voor verschillende doelgroepen en vanuit verschillende wetten. De dubbele vergrijzing speelt ook een rol. Ouderen worden zo lang mogelijk ondersteund vanuit de Wmo en gaan pas bij heel veel zorgvragen naar een instelling onder de Wet langdurige zorg. Mensen met psychiatrische problematiek onder de Zorgverzekeringswet blijven zo kort mogelijk op een behandelplek, waarna zij door de gemeente ondersteund moeten worden in de thuissituatie. De doelgroepen uit het beleidskader maatschappelijke zorg (daklozen, cliënten GGZ en LVB) komen daar nog eens bij.

De vraag naar ondersteuning laat, als gevolg van onder andere de extramuralisering, de komende jaren vooralsnog een stijging zien; de kosten zullen daarmee de komende jaren stijgen. In 2018 wordt bekend hoe het geïntegreerde budget voor Wmo 2015, beschermd wonen en maatschappelijke opvang er vanaf 2020 uit gaat zien.

Op andere onderdelen vraagt een integrale aanpak over diverse programma’s heen om extra (ambtelijke) inzet. Dit is met name op gebied van de wijkregie en de opgaven met betrekking tot het VN verdrag voor personen met een handicap of chronische ziekte. Wijkgericht werken heeft een lange adem nodig en constante herijking. De werkdruk is enorm en de ambitie hoog. Om de wijkaanpak en de impuls aan het wijkgericht werken voort te kunnen zetten is structureel capaciteit en budget nodig.

Het Uitvoeringsplan Welzijn en extra inzet op het ontwikkelen van multifunctionele accommodaties in diverse wijken geven een nieuwe impuls aan het versterken van de collectieve voorzieningen op wijkniveau.