Ga naar boven

Nieuw beleid

04.01 Opstellen Openbaar Vervoer visie
Openbaar vervoer is van doorslaggevend belang bij de economische en stedelijke ontwikkeling van Holland Rijnland. Een groot deel van onze inwoners maakt dagelijks gebruik van het openbaar vervoer. Veel bedrijven en (onderwijs)instellingen kunnen alleen functioneren dankzij hun OV bereikbaarheid in de regio en Randstad. Effectief zijn in dit veld vraagt daarom een strategische visie en verbindende aanpak. Doorslaggevend voor succes zijn: een lange adem, flexibele benadering, goede organisatie en regionale samenwerking. Binnen het openbaar vervoer spelen er concrete ontwikkelingen in de komende jaren.
De introductie van R-net is belangrijk met het oog op de opbouw van het totale OV systeem. Voor deze HOV lijnen zijn besluiten genomen over de routering. R-net is één van de dragers van het gehele systeem, waar het overige wijk-ontsluitende OV goed op aan moet sluiten. De huidige dienstregeling en spoorverbinding tussen Leiden, Alphen aan den Rijn en Utrecht laat te wensen over vanuit het perspectief van de reiziger, vanwege de te lage frequentie, de lage betrouwbaarheid en het lage comfort. Wij blijven samen met de Provincies Utrecht en Zuid Holland en de stad Utrecht werken en lobbyen voor een betere verbinding tussen het eerste en zesde station van Nederland. Er komt een nieuwe busconcessie. De huidige loopt af in 2020 (met optie tot verlenging voor 2 jaar). Om op hoofdlijn invloed te hebben op deze concessie is het zaak dat de gemeenten in het concessiegebied Zuid-Holland Noord,
 in nauwe samenwerking met de provincie Zuid Holland (de concessieverlener), komen tot een visie op het openbaar vervoer die recht doet aan de verschillende belangen en de verschillende doelgroepen van het openbaar vervoer. We willen hierbij samen optrekken met Leiderdorp, Zoeterwoude, Oegstgeest en Voorschoten.
 Het openbaar vervoer richt zich meer op de zgn. dikke gestrekte lijnen. De buitenwijken en kleinere kernen raken hierdoor verstoken van openbaar vervoer. Het doelgroepenvervoer (WMO (incl. oude AWBZ), leerlingen en SW-vervoer) wordt steeds duurder. Mogelijke combinatie van beide vervoervormen moet worden onderzocht.
Opgave is om te komen tot een samenhangende strategische visie. Daarin worden projecten gerealiseerd maar ook op hogere schaalniveaus kansen gecreëerd en benut. 
Wanneer dit niet gebeurt, worden de Leidse wensen niet op een adequate wijze in deze ontwikkelingen verwerkt. Dienstregelingen NS. De jaarlijkse dienstregeling wijziging is een van de momenten waarop invloed uitgeoefend kan worden op het spoorproduct. De komende jaren zullen met de introductie van “spoorboekloos reizen”, op de “Oude Lijn” belangrijke veranderingen tot stand worden gebracht. Het is zaak dat Leiden deze ontwikkelingen blijft monitoren.
 Naast de huidige bezetting is er voor het opstellen van de visie eenmalig inzet van zowel procesmatige als inhoudelijke experts nodig. De kosten om te komen tot een visie zijn geraamd op
circa € 150.000 (2017: € 100.000 en 2018: € 50.000). Voor dit bedrag wordt een projectleider ingehuurd, onderzoeksvragen bij bureaus neergelegd en een drietal experts voor een beperkt aantal adviesvragen ingehuurd. Bij dit project zal nauw worden samengewerkt met vertegenwoordigers uit de wijken, ondernemersverenigingen en organisaties als ROVER en de ROVH.

04.02 Bijdrage aan nieuwe regionale beheerorganisatie verkeersprognosemodel (RVMK)
Het verkeersprognosemodel is van groot belang voor Leiden want noodzakelijk bij planologische procedures, opstellen en monitoren van mobiliteitsbeleid en ontwerpopgaven van infrastructuur. Voorheen dit Holland Rijnland dit, maar vanwege ontbreken van de noodzakelijke kennis en kunde zijn ze hiermee gestopt. Leiden en Katwijk gaan beheer zelf oppakken: hier zit de kennis en het grootste belang. Zij doen dit ook voor de rest van de HR gemeenten die naar rato (inwoneraantal) een bijdrage leveren. Bijdrage voor Leiden wordt nu ingeschat op 45.000.

04.04 Capaciteit beleidsmedewerker fiets

Met de vaststelling van de Nota Herijking Fietsroutes 2013-2020 is de ontwikkeling van het fietsbeleid in een stroomversnelling terecht gekomen. Daarnaast wordt bij de vele projecten die spelen in onze stad advisering vanuit het fietsbeleid betrokken. We willen voortvarend aan de slag blijven met de uitvoering van alle plannen. Daarvoor is het nodig tijdelijk een extra beleidsmedewerker fietsen in dienst te nemen zodat kennis en continuïteit in de organisatie ook wordt gewaarborgd. De kosten bedragen in 2018 €84.000, waarvan €57.378 wordt betaald met het budget dat staat op prestatie 4.A1.2 en €26.622 uit de algemene middelen.