Ga naar boven

Inleiding

Zoals in het voorwoord is beschreven is de Kaderbrief 2018 – 2021 gebaseerd op de uitkomsten van de jaarrekening 2016 en de eerste Bestuursrapportage over 2017. Bij het opstellen van de kaderbrief zijn we uitgegaan van een stand van de concernreserve na de voorgestelde bestemming van het resultaat. Omdat het geprognosticeerde resultaat over het lopend kalenderjaar door vooral autonome tegenvallers negatief uitpakt, hebben wij dit negatieve saldo van baten en lasten en de effecten op de concernreserve betrokken bij de Kaderbrief 2018 – 2021.

De afschaffing van de precariobelasting op ondergrondse kabels en leidingen vanaf 2022 heeft invloed op de beoordeling of de meerjarenraming structureel sluitend is. Over de alternatieven voor dekking van het wegvallen van deze opbrengst gaan wij in paragraaf 3.4.1 nader in.

Ander belangrijke aandachtspunten blijven de (kosten)ontwikkelingen in het Sociaal Domein.

Door de voorgestelde maatregelen houden we ons weerstandsvermogen op peil en blijven we financieel gezond, zonder de realisatie van onze ambities in gevaar te brengen. Het bovenstaande resulteert in een sluitend meerjarenbeeld voor 2018 – 2021 binnen de financiële kaders van het Beleidsakkoord.

In paragraaf 5.1 lichten we dit verder toe.

Meicirculaire 2017.
De uitkomst van de meicirculaire lichten wij toe in paragraaf 3.4.2.
De uitkomst is gelet op de late verschijning van de meicirculaire niet verwerkt in deze kaderbrief.